Richtlijnen extravasatie cytostatica (VUmc-apotheek)

augustus 2005

10x10.gif (821 bytes)
   
Inleiding De meeste cytostatica voor parenterale toediening worden
centraal in de apotheek bereid.
De cytostatica worden gewoonlijk afgeleverd in infuuszakken, infuusflessen of injectiespuiten.
Cytostatica kunnen bij onbedoeld inwendig en uitwendig contact een directe irritatie van huid, ogen en slijmvliezen van mond, neus en longen veroorzaken.
Bij intraveneuze of intra-arteriële toediening van cytostatica dient extravasatie te allen tijde te worden vermeden.
De arts dient er zich van te vergewissen een goed bloedvat op de juiste wijze te hebben aangeprikt.
Cytostatica waarvan bekend is dat zij bij extravasatie ernstige necrose veroorzaken, dienen door een ervaren arts te worden toegediend (o.a. doxorubicine, mitomycine, vincristine).
Bij enig vermoeden van extravasatie direct het infuus stilzetten (de naald laten zitten) en de arts waarschuwen.
De onderstaande maatregelen moeten genomen worden
bij huidbesmetting, oogbesmetting of extravasatie van cytostatica. Op de oncologische afdelingen moet een noodset met antidota aanwezig zijn.
 
AMSACRINE (amsidine, m-AMSA)
Huid: spoelen met veel water, daarna wassen met water en zeep.
Ogen: spoelen met veel NaCl 0.9% of kraanwater.
Extravasatie: ernstige necrose, ijscompressen kunnen de pijn verminderen
Overleg zonodig met een chirurg voor excisie bij een ernstige reactie.
 
ASPARAGINASE (crasnitin®, erwinase®)
Huid: spoelen met veel water, daarna wassen met water en zeep.
Ogen: spoelen met veel NaCl 0.9% of kraanwater.
Extravasatie: ernstige reacties zijn niet te verwachten.
 
AZATHIOPRINE (imuran®)
Huid: spoelen met veel water, daarna wassen met water en zeep.
Ogen: spoelen met veel NaCl 0.9% of kraanwater.
Extravasatie: geen gegevens over bekend.
 
BLEOMYCINE (bleomycine®)
Huid: spoelen met veel water, daarna wassen met water en zeep,
evt allergie behandelen. Bij massaal morsen inactiveren met
waterstofperoxyde 3%.
Ogen: spoelen met veel NaCl 0.9% of kraanwater.
Extravasatie: koeling met ijscompressen.
 
CARMUSTINE (BCNU)
Huid: spoelen met veel water, daarna wassen met water en zeep.
Ogen: spoelen met veel NaCl 0.9% of kraanwater.
Extravasatie: irritatie en necrose-vorming is mogelijk.
Bij necrose vroege excisie.
 
CHLOORMETHINE (mustine, mitoxine)
Huid: huidoppervlak direct reinigen met natriumcarbonaatoplossing of natriumthiosulfaatopl 3% en spoelen met veel NaCl 0.9%
Ogen: spoelen met veel NaCl 0.9% of natriumthiosulfaatoplossing
2.5%.
Extravasatie: aangedane gebied direct infiltreren met 5 ml natriumthio-
sulfaatoplossing 2.5 %. Aangedane gebied koelen met ijs
gedurende 6-12 uur.
 
CISPLATINE (platinol®, platosin®)
Huid: spoelen met veel water, daarna wassen met water en zeep.
Ogen: spoelen met veel NaCl 0.9% of kraanwater.
Extravasatie: ijscompressen.
 
CLADRIBINE (2-CDA)
Huid: spoelen met veel water, daarna wassen met water en zeep.
Ogen: spoelen met veel NaCl 0.9% of kraanwater.
Extravasatie: geen gegevens bekend.
 
CYCLOFOSFAMIDE (endoxan®)
Huid: spoelen met veel water, daarna wassen met water en zeep.
Ogen: spoelen met veel NaCl 0.9% of kraanwater.
Extravasatie: ijscompressen.
 
CYTARABINE (alexan®, cytosar®, Ara-C®)
Huid: spoelen met veel water, daarna wassen met water en zeep.
Ogen: spoelen met veel NaCl 0.9% of kraanwater.
Extravasatie: ernstige reacties zijn niet te verwachten.
 
DAUNORUBICINE (cerubidine®)
Huid: spoelen met veel water, daarna wassen met water en zeep.
Ogen: spoelen met veel NaCl 0.9% of kraanwater.
Extravasatie: ijscompressen.
 
DOXORUBICINE (adriblastine®, adriamycine)
Huid: spoelen met veel water.
Ogen: spoelen met veel NaCl 0.9% of kraanwater.
Extravasatie: ijscompressen.
 
EPIRUBICINE (farmorubicine®, 4-epi-adriamycine)
Huid: spoelen met veel water, daarna wassen met water en zeep.
Ogen: spoelen met veel NaCl 0.9% of kraanwater
Extravasatie: ijscompressen.
 
ETOPOSIDE (vepesid®, VP-16)
Huid: spoelen met veel water, daarna wassen met water en zeep.
Ogen: spoelen met veel NaCl 0.9% of kraanwater.
Extravasatie: ernstige reacties zijn niet te verwachten.
 
FLUDARABINE
Huid: spoelen met veel water, daarna wassen met water en zeep.
Ogen: spoelen met veel NaCl 0.9% of kraanwater.
Extravasatie: nog geen gegevens over bekend.
 
IDARUBICINE (zavedos®)
Huid: spoelen met veel water, daarna wassen met water en zeep.
Ogen: spoelen met veel NaCl 0.9% of kraanwater.
Extravasatie: ijscompressen.
 
IFOSFAMIDE (holoxan®)
Huid: spoelen met veel water, daarna wassen met water en zeep.
Ogen: spoelen met veel NaCl 0.9% of kraanwater.
Extravasatie: ijscompressen.
 
MELFALAN (alkeran®)
Huid: spoelen met veel water, daarna wassen met water en zeep.
Ogen: spoelen met veel NaCl 0.9 % of kraanwater.
Extravasatie: ijscompressen.
 
6-MERCAPTOPURINE
Huid: spoelen met veel water, daarna wassen met water en zeep.
Ogen: spoelen met veel NaCl 0.9% of kraanwater.
Extravasatie: ijscompressen
 
METHOTREXAAT (ledertrexate®)
Huid: spoelen met veel water, daarna wassen met water en zeep.
Tevens indifferente crème aanbrengen.
Ogen: spoelen met veel NaCl 0.9% of kraanwater.
Extravasatie: ernstige reacties zijn niet te verwachten
 
MITOXANTRON (novantrone®)
Huid: spoelen met veel water, daarna wassen met water en zeep.
Vlekken zijn te verwijderen met natriumhypochloriet.
Ogen: spoelen met veel NaCl 0.9% of kraanwater.
Extravasatie: bij tekenen van necrose de huid behandelen met een
hypochloriet-smeersel 0.25% FNA (Eusol/paraffine).
 
VINBLASTINE (velbe®)
Huid: spoelen met veel water, daarna wassen met water en zeep.
Ogen: spoelen met veel NaCl 0.9% of kraanwater.
Extravasatie: spuit in het extravasatie gebied hyaluronidase (1 ml = 150 IE).
In noodkast apotheek. Bedek de extravasatieplaats met
warme compressen. Overleg zonodig met een chirurg.
 
VINCRISTINE (oncovin®)
Huid: spoelen met veel water, daarna wassen met water en zeep.
Ogen: spoelen met veel NaCl 0.9% of kraanwater.
Extravasatie: spuit in het extravasatie gebied hyaluronidase (1 ml = 150 IE).
In noodkast apotheek. Bedek de extravasatieplaats met
warme compressen. Overleg zonodig met een chirurg.
 

Inhoud noodset cytostatica

augustus 2005

10x10.gif (821 bytes)
Injecties/infusies 2 x 1 ml hyaluronidase (1 ml = 150 IE = Hyason)
(zie noodkast apotheek)
1 x 100 ml natriumbicarbonaat 8.4%
2 x 10 ml natriumthiosulfaat 10 ml = 2500 mg.
Vooraf te verdunnen 10 ml in 100 ml 0.9% NaCl
 
Oogwassingen 1 x 100 ml natriumthiosulfaat 3%
1 x 100 ml PBS
1 x 100 ml NaCl 0.9%
 
Oplossingen 1 x 100 ml DMSO
1 x 6 gram natriumcarbonaat in 200 ml fles,
aanvullen met kraanwater voor gebruik (3%)
1 x 200 ml PBS zout pH 7.4
1 x 10 ml natriumhypochloriet 10%, aanvullen tot 200 ml
= 200 ml natriumhypochloriet 0.5%
1 x 200 ml waterstofperoxyde 3%
 
 Crème Indifferente crème = cetomacrogolcrème of lanettecrème.
 
            

© VU medisch centrum - afdeling hematologie   16/08/05